Kingsen

Kingsen is een spel dat al jaren erg populair is als bierspel. Het zal u dan ook niet verbazen dat het vooral studenten zijn die dit spelen. Bij het spel Kingsen wordt aan elke kaart van een traditioneel kaartspel een spelletje of opdracht gehangen. Hieronder volgt een samenstelling waarin het vaak wordt gespeeld. Van officiële spelregels is op dit moment geen sprake, omdat iedereen een andere voorkeur heeft en er meer spellen of opdrachten per kaart zijn te verzinnen.

2: Een slokje uitdelen door degene die de kaart heeft gedraaid aan een andere speler.

3: Mexxen. Mexxen is een spel op zich. Ook binnen het spel Mexxen is een aantal varianten. De hoofdlijn is in elk geval dat je maximaal driemaal mag gooien met twee dobbelstenen. De score die je na de drie beurten hebt gehaald is de score waar het op draait. De speler met de laagste score na een compleet rondje dobbelen moet een slokje nemen. De score van het aantal ogen op de dobbelsteen wordt uigedrukt in tien- of honderdtallen. Zo betekent een dobbelbeurt waarin je een 3 en een 2 hebt gegooid, dat de score tweeëndertig is (en dus niet drieëntwintig). Een 4 en een 6 betekent een score van vierenzestig. Heb je twee dezelfde getallen gegooid, dan wordt het aantal ogen op één van de twee dobbelstenen vermenigvuldigd met honderd. Zo betekent een worp van een 4 en een 4 een scoren van vierhonderd. Een 2 en een 1 betekent Mexx en dat betekent direct dat je beurt is afgelopen en dat de volgende speler moet gooien. Bovendien komt er een extra slokje bij het eindtotaal.

4: Regel verzinnen. Degene die deze kaart omdraait mag een regel verzinnen die tot het einde van potje geldt. Een overtreding van de regel wordt bestraft met een slokje. Veelgebruikte regels zijn bijvoorbeeld dat je geen ‘ja’ of ‘nee’ meer mag zeggen, of dat je elkaar bij de tweede naam moet noemen. Hoe dan ook, ook hier is creativiteit weer een belangrijke factor.

5: Balletje, balletje. Bij balletje, balletje is het de bedoeling dat een denkbeeldig balletje wordt overgespeeld in de groep. De enige drie bewegingen die hierbij van belang zijn, zijn (1) het doorspelen van de bal, door een slaande beweging in dezelfde richting te geven; de bal te blocken (2) door eenmaal met de elleboog op tafel te tikken. Gevolg is dat nu de speler naast je aan de beurt is die aan de kant zit waar vandaan de bal kwam. Een laatste mogelijkheid (3) is om tweemaal met de elleboog op de tafel te slaan waardoor de bal dubbel wordt geblockt. De bal wordt daardoor teruggespeeld maar slaat de speler naast u over. Zodra iemand de fout in gaat, moet hij een slok nemen. Een fout is ook wanneer iemand voor de derde keer dezelfde beweging maakt die zojuist ook door de vorige twee spelers is gedaan.

6: De Mosselman. Bij de Mosselman is het de bedoeling dat de hele tafel de eerste regel uit het bekende liedje “zeg ken jij de Mosselman, de Mosselman” zingt. De daaropvolgende zin moet worden verzonnen door de eerste speler (degene die de kaart heeft omgedraaid). Vervolgens zingt de hele tafel weer “zeg ken jij de Mosselman, de Mosselman” waarna de tweede speler een nieuwe zin bedenkt, rijmend op de zin van de eerste speler. Het spel eindigt zodra het rijmwoord niet bestaat of zodra een speler een rijmwoord gebruikt dat eerder al is gebruikt door een andere speler.

7: Juffen. Bij Juffen gaat het erom dat je het cijfer 7 of een getal in de tafel van 7 niet mag zeggen. De speler die de kaart heeft omgedraaid begint met 1, de speler (met de klok mee) daarnaast zegt “2”, de speler daarnaast “3” etc. Ook hier heb je diverse varianten. Zo kun je afspreken dat wanneer iemand die “7” zou moeten zeggen, nu “juf” moet zeggen. Moeilijker is het wanneer je afspreekt dat je alles mag zeggen, behalve “7”(of 14, of 17 etc). Dit om mensen op het verkeerde been te zetten. Wat ook een veelgebruikte regel is, is dat op het moment dat er “juf” moet worden gezegd, dat dan in tegenovergestelde richting wordt gespeeld. Het spel is afgelopen zodra iemand iets uit de tafel van zeven zegt, iets met een zeven erin zegt, te lang stil blijft terwijl hij aan de beurt is, of juist iets zegt terwijl hij niet aan de beurt is.

8: Bewaarkaart of pose-kaart. De kaart wordt met de 8 naar beneden op tafel gelegd. Zodra de speler die deze kaart in bezit heeft hem omdraait, doet hij zijn duim op de rand van de tafel. De rest van de spelers moeten hem volgen. De speler die dit als laatst lukt, moet een slokje nemen.

9: Zelf een slok nemen.

10: Categorie. Bij het spel Categorie is het de bedoeling dat degene die de tien heeft gedraaid een onderwerp verzint. Vervolgens begint hij zelf met het noemen van iets wat in die categorie valt. De speler naast hem is nu aan de beurt. Er wordt net zo lang doorgegaan totdat iemand te lang stil is, iets zegt dat fout is, of iets zegt dat al is geweest. Bij Categorie moet u bijvoorbeeld denken aan ‘Staten van Amerika’, ‘dierennamen met een A’, ‘automerken’, etc.

Boer: Snake-eye. Degene die de boer draait, mag deze houden en voor zich neerleggen. Vanaf dat moment, totdat een andere speler een nieuwe boer draait, is deze speler de snake-eye. Dit betekent dat de overige spelers geen oogcontact met hem mogen maken. U mag hem wel aankijken, maar kijkt hij op datzelfde moment in uw ogen, dan neemt u een slokje.

Vrouw: Quizmaster. Net als bij de boer mag u ook hier de kaart voor u neerleggen. De speler die de Vrouw heeft getrokken is de quizmaster totdat iemand de volgende vrouw trekt. Quizmaster betekent niets anders dan dat niemand uw vragen mag beantwoorden. Beantwoordt een speler wel uw vraag, dan neemt hij een slokje.

Heer: De heren uit het spel worden op elkaar gestapeld en zodra iemand de vierde heer trekt, drinkt hij een slokje en is het spel afgelopen. Alle kaarten worden weer geschud en op de stapel gelegd.

Aas: Hoger – lager. Neem de stap met al gespeelde kaarten en ga me de klok mee en speel hoger-lager. Degene die als eerste een fout maakt, neemt een slokje.

Bovenstaande is slechts één van de varianten van het spel Kingsen. Ook de onderstaande spellen of opdrachten hebben het meermaals tot de definitieve line-up gehaald:

Waterval: degene die deze kaart trekt zegt hoeveel slokken hij doet, om dat vervolgens ook daadwerkelijk te doen. Vervolgens moeten alle spelers zijn voorbeeld volgen en exact het aantal slokken nemen dat de eerste speler heeft genomen.

Regel voor het drinken. Niet alleen het verzinnen van een regel die altijd geldt, wordt vaak gespeeld, maar ook het verzinnen van een regel die je alleen vóór het drinken van een slokje moet volgen, wordt vaak gebruikt.

Ik ga op vakantie en neem mee. De eerste speler verzint een voorwerp. De tweede speler noemt dat voorwerp plus een nieuw voorwerp. De derde speler noemt (in de goede volgorde) het eerste, tweede en vervolgens een eigen artikel, etc, totdat iemand een fout maakt.